A-G: verzekeringsuitkering belast met loonbelasting

22 september 2020

Evenals Hof Arnhem Leeuwarden oordeelt Advocaat-Generaal Niessen dat de verzekeringsuitkering moet worden belast met loonbelasting daar de uitkering moet worden beschouwd als loon uit vroegere dienstbetrekking.


Belanghebbende heeft een bedrag ad $ 100.000 geërfd wegens het overlijden van haar zuster op 17 juli 2014, die zich aan boord van het vliegtuig met vluchtnummer MH17 bevond. De uitkering was afkomstig uit een zakelijke reis- en ongevallenverzekering die de werkgever van de zuster had afgesloten bij een verzekeringsmaatschappij. De inspecteur heeft een navorderingsaanslag opgelegd bij belanghebbende, omdat hij de uitkering bij haar aanmerkte als loon uit de vroegere dienstbetrekking van de zuster. In geschil is of de uitkering uit de ongevallenverzekering van de werkgever is verkregen uit dienstbetrekking en, zo ja, naar algemene maatschappelijke opvattingen wordt ervaren als beloningsvoordeel. Advocaat-Generaal (hierna: A-G) Niessen heeft conclusie genomen in deze zaak. Belanghebbende voert twee middelen aan in cassatie. Het eerste middel betoogt dat het niet gaat om een uitkering verkregen uit (vroegere) dienstbetrekking, omdat de vergoeding van schade niet voortkomt uit een ongeval door het werk waardoor de werkgever aansprakelijk is, maar om de vergoeding van het verlies van een leven door een vliegtuigramp die veroorzaakt is door derden. De A-G concludeert dat de werkgever met het verstrekken van de ongevalsuitkering niet optreedt in een andere hoedanigheid dan die van werkgever. De uitkering is namelijk betaald op grond van een verzekering die de werkgever heeft afgesloten ter uitvoering van een bepaling in de arbeidsovereenkomst en daardoor verkregen uit (vroegere) dienstbetrekking van de zuster. Het tweede middel betoogt dat de uitkering naar algemene maatschappelijke opvattingen niet wordt ervaren als beloningsvoordeel. In dat geval is er sprake van een vrijstelling voor de vergoeding. De A-G is van mening dat dit hier niet het geval is. Er is geen sprake van een vergoeding voor immateriële schade, omdat concrete financiële schade zich niet voordoet bij belanghebbende. De A-G concludeert tot ongegrondverklaring van het beroep in cassatie.

Eerder hebben wij aandacht besteed aan deze zaak in de Nieuwsbrief Loonzaken van 18 februari 2020 Verzekeringsuitkering belast bij nabestaanden.

Wet: art. 11 (oud) Wet LB 1964

Jurisprudentie: Conclusie A-G Niessen 31-8-2020, nr. 20/00551 (ECLI:NL:PHR:2020:758), Hof Arnhem-Leeuwarden 28-1-2020, nr. 18/01070 (ECLI:NL:GHARL:2020:790), Rb. Gelderland 9-10-2018, nr. AWB 17/3391 (ECLI:NL:RBGEL:2018:4322)

Loonzaken/Jacqueline Nietveld