Ondernemersorganisaties en vakbonden kritisch over rapport commissie Borstlap 

27 januari 2020

Volgens de ondernemingsorganisaties VNO-NCW, MKB-Nederland en LTO Nederland kiest de Commissie-Borstlap voor het uitgangspunt ‘alle werkenden zijn werknemer, tenzij’. Dit past volgens de ondernemersorganisaties niet bij een moderne arbeidsmarkt. Daar moet juist een verscheidenheid aan arbeidsrelaties gelijkwaardig naast elkaar kunnen bestaan. Ook de vakbonden zijn kritisch over de aanbevelingen van de Commissie.

Aanbevelingen Commissie Borstlap

De Commissie Regulering van Werk onder leiding van Hans Borstlap presenteerde op 23 januari 2020 haar eindrapport ‘In wat voor land willen wij werken?’. Daarin geeft zij aanbevelingen voor meer toekomstbestendige regels voor werk. De Commissie stelt vast dat de huidige regels rondom werk onvoldoende passen bij de wereld van werk anno 2020.De huidige regels ontmoedigen duurzame arbeidsrelaties en zijn erg complex en onduidelijk.

De Commissie geeft vier uitgangspunten voor het ontwerp van een nieuw stelsel regels: wendbaarheid, duidelijkheid, weerbaarheid en wederkerigheid. Deze uitgangspunten moeten leidend zijn bij het herontwerpen van de regels die betrekking hebben op arbeid in het arbeidsrecht, de sociale zekerheid, de fiscaliteit en bij kennis en ontwikkeling. Om duidelijk te maken waartoe deze vereisten voor nieuwe regels leiden, heeft de Commissie vijf aanbevelingen geformuleerd om tot meer toekomstgerichte regels te komen:

1. Bevordering interne wendbaarheid en afremmen externe flexibiliteit
Werkgevers moeten meer ruimte krijgen om functie, arbeidsplaats en werktijd in arbeidsovereenkomsten aan te passen wegens bedrijfseconomische omstandigheden. Verder moet de ontslagbescherming worden aangepast en de verplichtingen voor de werkgever rondom loondoorbetaling bij ziekte worden verkort tot een jaar. Verder doet de Commissie voorstellen om tijdelijk werk voortaan echt tijdelijk te laten zijn en de kosten van onzekerheid tot uitdrukking te brengen in de prijs van tijdelijk werk.

2. Overzichtelijker stelsel van contractvormen
Breng het aantal contractvormen terug tot een overzichtelijk stelsel van regels rond werk. Er komen drie soorten werkenden: werknemers met een contract voor (on)bepaalde tijd; zelfstandigen, en werknemers die op uitzendbasis tijdelijk werk verrichten dat niet is te voorzien naar tijd en omvang.

3. Ontwikkelen en (blijven) leren
Elke burger krijgt bij geboorte een individueel leer- en ontwikkelbudget voor het verwerven van noodzakelijke kennis en vaardigheden gedurende de hele loopbaan. Ook moeten alle werkenden gebruik kunnen maken van ondersteuning bij het opdoen van kennis- en vaardigheden gericht op duurzame inzetbaarheid. Loopbaanbegeleiding in zogenaamde loopbaanwinkels moet voor iedere werkende toegankelijk zijn.

4. Fiscaal gelijke behandeling en basisinkomenszekerheid
Alle werkenden krijgen een basale bescherming tegen inkomensverlies bij arbeidsongeschiktheid. Verplichte aanvullende verzekeringen voor werknemers blijven bestaan. De Commissie bepleit een gelijke fiscale behandeling van arbeid voor alle werkenden. Ondernemerschap wordt gestimuleerd.

5. Activerend en inclusief arbeidsmarktbeleid
Wederkerigheid betekent dat iedereen zich inspant om aan de slag te komen of te blijven. Indien nodig helpt de overheid daarbij. Wanneer men niet op de reguliere arbeidsmarkt terecht kan, wordt voorzien in aanvullende werkgelegenheid.

De aanbevelingen van de Commissie moeten verder uitgewerkt worden. Dat wordt niet van de een op de andere dag gerealiseerd. De Commissie bepleit een brede maatschappelijke alliantie om de waarden van werk in de toekomst zeker te (blijven) stellen.

Ondernemersorganisaties: doorgeslagen

VNO-NCW, MKB-Nederland en LTO Nederland delen met Borstlap het standpunt dat doorgeslagen flex om oplossingen vraagt. Maar tijdelijk werk en ondernemerschap zwaarder belasten, is volgens hen niet de route. Het gaat niet aan ondernemers gelijk te behandelen als andere werkenden, terwijl zij bestaansrisico’s geheel voor eigen rekening nemen. Goed te spreken zijn de ondernemersorganisaties onder meer over de inzet van Borstlap op ontwikkeling en duurzame inzetbaarheid. 

Volgens de organisaties heeft Nederland met een zeer laag werkloosheidspercentage een arbeidsmarkt die ‘levert’, en dat moet zo blijven. “De adviezen van de WRR en Borstlap beoordelen we op toekomstbestendigheid”, aldus VNO-NCW, MKB-Nederland en LTO Nederland. “Door de digitale ontwikkelingen verdwijnt routinematig werk, worden hogere vaardigheden vereist en nemen de behoefte aan en mogelijkheden voor autonoom, onafhankelijk en zelfstandig werken toe. Zoals de WRR ook constateert hebben mensen daardoor grotere kansen op meer grip op hun werk.”

Voor de ondernemersorganisaties is daarom het uitgangspunt dat werk in alle mogelijke vormen naar mensen toe moet kunnen komen, waarbij uitwassen worden aangepakt. Het is terecht dat de Commissie-Borstlap pleit voor een betere balans tussen vergelijkbare arbeidsrelaties, maar zij ziet de vaste arbeidsovereenkomst te veel als de norm. “We begrijpen heel goed dat mensen zekerheden nodig hebben, maar dat moet je anders organiseren”, aldus VNO-NCW, MKB-Nederland en LTO Nederland. 

De organisaties maken zich zorgen over de gevolgen – voor werkgevers en werknemers – van het opnieuw duurder maken van tijdelijk werk, zeker waar bedrijven geen andere opties hebben, zoals bij seizoensgebonden werk. Ten aanzien van uitzendwerk plaatsen zij kanttekeningen bij de uitwerking van de plannen, die geen recht doet aan de brede opstapfunctie die de branche heeft om mensen aan het werk te helpen. Er moet voldoende ruimte blijven voor uitzendarbeid. Positief is dat de Commissie het werkgeverschap wil ontlasten en de re-integratie van zieke werknemers wil beperken tot het eigen bedrijf. Met name voor kleinere werkgevers drukken de lasten en verantwoordelijkheden nu te zwaar. De ondernemersorganisaties zien in de voorstellen voor vergroting van de wendbaarheid in de arbeidsovereenkomst (interne flexibiliteit) perspectief voor de kortere termijn, mits dit in de praktijk ook waar te maken valt. Afhankelijk van de praktische uitwerking zou dat het beroep op externe flexibiliteit kunnen verminderen. 

VNO-NCW, MKB-Nederland en LTO Nederland wijzen de voorstellen voor zwaardere belastingen op het ondernemerschap (IB-ondernemers én dga’s) af. Borstlap schakelt ondernemers gelijk aan elke andere (zelfstandig) werkende, terwijl hun risico’s groter zijn en volledig voor eigen rekening komen. Ongelijke gevallen gelijk behandelen is geen oplossing. De ondernemersorganisaties vinden dat Borstlap hiermee de welvaarts- en banenmotor van Nederland – het ondernemerschap – ontmoedigt en ondermijnt, met mogelijk negatieve gevolgen voor de werkgelegenheid.

De ondernemersorganisaties zien in de adviezen van de WRR en de Commissie-Borstlap voldoende punten om verder uit te werken. In hun middellangetermijnagenda, die dit voorjaar verschijnt, doen zij daarvoor een aanzet.

Vakbond: historische vergissing

Vakbond CNV is verheugd dat de Commissie de verstoorde verhoudingen op de arbeidsmarkt erkent en ook vindt dat er een eind moet komen aan de doorgeschoten flexibilisering. Minder te spreken is de vakbond over de voorstellen van de Commissie. De voorstellen om flexwerk tegen te gaan en vast werk aantrekkelijker te maken noemt CNV-voorzitter Piet Fortuin een historische vergissing.

De vakbond plaatst onder andere kanttekeningen bij het voorstel dat de werkgever eenzijdig loonsverlagingen mag doorvoeren of kan besluiten om het aantal contracturen drastisch te verminderen. Dit laatste is volgens CNV feitelijk een gedeeltelijk ontslag, zonder dat een rechter meekijkt of dit gedeeltelijk ontslag echt nodig is. Komt een werknemer door dit deeltijdontslag onder het bijstandsniveau, dan zal een beroep moeten worden gedaan op collectieve middelen.

Ook is CNV kritisch over het voorstel dat werkgevers bij ‘disfunctioneren’ of ‘verstoorde arbeidsverhoudingen’ altijd ontslag kan aanvragen, zonder dit te hoeven onderbouwen. Een meningsverschil met de leidinggevende is al reden om een medewerker op straat te zetten. De rechter kan niet anders dan dit ontslag toekennen. Hier moet echter wel een hoge ontslagvergoeding tegenover staan. Fortuin: “Die hoge vergoeding valt nog te bezien. Bij de WWZ werd ook gesproken over hoge billijke vergoedingen, maar die bleken in de praktijk toch laag uit te vallen. Ook dit is weer een verdere uitholling van het ontslagrecht. Dit gaat verder dan de WAB. Een forse achteruitgang voor werkenden.”

Ook het eenzijdig wijzigen door de werkgever van werktijden en locatie kan niet op de instemming van CNV rekenen. ”De werknemer in Groningen kan ineens worden gedwongen worden om in Zwolle te werken. Waarmee deze in een onmogelijke situatie terecht kan komen en het niet meer kan combineren met de privésituatie. En dat in een tijd waarin er steeds meer aandacht is voor de werk-privébalans, zoals vorige week ook aangegeven in het WRR-rapport.”  

De Commissie-Borstlap stelt deze maatregelen voor om flexwerk tegen te gaan en het aantrekkelijker te maken om werknemers een contract te bieden. “Het tegenovergestelde is echter het geval. Miljoenen werknemers in loondienst krijgen minder zekerheid. Met dit voorstel wordt iedereen eigenlijk flexkracht. We hebben dan geen twee miljoen, maar negen miljoen flexwerkers. We roepen de minister dan ook met klem op om deze aanbevelingen niet over te nemen. Minister Koolmees moet juist inzetten op duurzame arbeidsrelaties. Aan flexconstructies en schijnzelfstandigheid moet een eind komen zodat werkenden meer zekerheid krijgen,” stelt Fortuin. “Doorvoering van deze maatregelen van de Commissie-Borstlap zou echter een historische vergissing zijn. Een hervorming van de arbeidsmarkt kost jaren. Maar tegelijk is er weinig tijd te verliezen. Het CNV denkt graag constructief mee over de vervolgstappen die de sociale partners met de overheid moet nemen op de arbeidsmarkt van de toekomst. We roepen daarbij op tot tempo. Hoe sneller we de uitwassen weten te beëindigen, hoe beter het is voor werkenden,” stelt Fortuin. 

Bron: Commissie Regulering van Werk, VNO-NCW en CNV