‘45 jarenplan’ voor eerdere AOW-leeftijd

12 augustus 2019

Volgens vakbond CNV was het goed dat met het pensioenakkoord de snelle stijging van de AOW-leeftijd een halt is toegeroepen. Uit onlangs gepubliceerde cijfers van het CBS blijkt dat de pensioenleeftijd weer is gestegen. Uit eigen onderzoek van de vakbond blijkt dat twee derde van de Nederlanders de AOW-leeftijd te snel vindt stijgen.

De pensioenleeftijd is in 2018 weer met 5 maanden gestegen, blijkt uit de nieuwe CBS-cijfers. Het jaar daarvoor, in 2017, steeg de pensioenleeftijd ook al met 5 maanden. De pensioenleeftijd houdt nauw verband met de AOW-leeftijd, waar in het recent afgesloten pensioenakkoord afspraken over zijn gemaakt. De afspraak is dat de komende twee jaar de AOW-leeftijd wordt bevroren en dat de AOW-leeftijd daarna minder snel stijgt.

Laagopgeleiden gaan gemiddeld 8 maanden later met pensioen dan hoogopgeleiden, blijkt ook uit deze nieuwe CBS-cijfers. Volgens CNV is dat zeer onrechtvaardig. Laagopgeleiden werken vaker in zware beroepen. Om die reden pleit het CNV voor het ’45 jaar-plan’: wie kan aantonen dat hij of zij 45 jaar heeft gewerkt, krijgt op 65-jarige leeftijd AOW zonder korting,” aldus CNV-voorzitter Van Wijngaarden.

In het pensioenakkoord is afgesproken dat dit ’45 jaar-plan’ verder wordt uitgewerkt. Minister Koolmees heeft dit plan tot nu toe tegengehouden omdat het ‘administratief niet haalbaar is’: niet iedereen zou zijn of haar dienstjaren goed kunnen aantonen. Volgens Van Wijngaarden is dat klinkklare. “Ten tijde van de VUT-regelingen in de jaren tachting konden werknemers zonder UWV al 40 jaar arbeidsverleden aantonen. Vanaf 1998 houdt het UWV sowieso alle dienstjaren bij, dus in de toekomst speelt deze discussie niet meer. Goed dat we dit nu dus uitwerken en dit plan hopelijk snel op een effectieve manier kunnen invoeren.”

Bron: CNV 6-08-2019