Betere bescherming gedetacheerde werknemers

09 juli 2019

De arbeidsvoorwaarden en omstandigheden van gedetacheerde werknemers worden in de toekomst beter beschermd. Gelijke beloning voor hetzelfde werk op dezelfde plaats is daarbij een belangrijk uitgangspunt. De herziene detacheringsrichtlijn zorgt voor een nieuwe en betere balans tussen enerzijds vrije dienstverlening binnen de EU en anderzijds de bescherming van de rechten van gedetacheerde werknemers.

De bestaande richtlijn uit 1996 wordt uitgebreid met voorwaarden voor huisvesting en bepaalde toeslagen en vergoedingen. Daarnaast wordt de buitenlandse werkgever na een detacheringsduur van twaalf maanden (eventueel te verlengen tot achttien maanden) verplicht om alle arbeidsvoorwaarden en -omstandigheden te garanderen van de lidstaat waar de dienst wordt uitgevoerd (met uitzondering van ontslagrecht en aanvullende bedrijfspensioenregelingen). Ook verduidelijkt de richtlijn dat uitzendbureaus verantwoordelijk blijven voor de juiste betaling van de gedetacheerde werknemer, ook bij doorzending van een werknemer naar een andere opdracht. De rechten van gedetacheerde uitzendkrachten zijn vrijwel geheel gelijkgetrokken met die van nationale uitzendkrachten.

De detacheringsrichtlijn richt zich op het vrij verkeer van diensten. Op grond van het vrije verkeer van diensten hebben ondernemingen het recht om in een andere lidstaat diensten aan te bieden en werknemers tijdelijk te detacheren om die diensten te verrichten. Op grond van de detacheringsrichtlijn hebben werknemers die vanuit een andere EER-lidstaat (EU-landen, IJsland, Liechtenstein en Noorwegen) of Zwitserland gedetacheerd worden naar Nederland recht op een zogenaamde ‘harde kern’ van Nederlandse arbeidsvoorwaarden, vastgelegd in wetgeving en algemeen verbindend verklaarde cao’s.

Bron: Min. SZW 5-7-2019