Aanpassing Besluit oproepovereenkomsten in verband met WAB

28 oktober 2019

Het Besluit oproepovereenkomsten wordt aangepast in verband met de inwerkingtreding van de Wet arbeidsmarkt in balans (WAB). De aanpassing heeft betrekking op consignatie of aanwezigheidsdiensten die niet per uur worden vergoed (maar bijvoorbeeld per etmaal of dienst). Zonder aanpassing zou automatisch sprake zijn van een oproepovereenkomst, waardoor het hoge WW-tarief van toepassing is.

De WAB kent een streng regime voor oproepovereenkomsten. Voor oproepovereenkomsten is de hoge WW-premie is per definitie van toepassing. In het ‘Besluit oproepovereenkomsten’ is geregeld wanneer bepaalde arbeidsovereenkomsten niet worden beschouwd als een oproepovereenkomst. Dat is als er bij arbeidsovereenkomsten voor een vast aantal uren sprake is van bereikbaarheidsdiensten (in de zorg) of van consignatiediensten die worden vergoed in geld of in vrije tijd. Hieraan was als voorwaarde toegevoegd dat er sprake moet zijn van een vergoeding (in geld) of compensatie (in vrije tijd) per uur.

Voor deze formulering was gekozen om te voorkomen dat werknemers structureel te veel consignatie opgelegd krijgen in verhouding tot de omvang van de arbeidsovereenkomst. Bij een vergoeding voor consignatie per uur telt namelijk ieder uur waarvoor de werknemer geconsigneerd is, als een verloond uur. En als in een kalenderjaar meer dan 30% uren worden verloond dan is overeengekomen, dan wordt voor een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd (waarvoor de lage WW-premie geldt) met terugwerkende kracht alsnog de hoge WW-premie van toepassing.

Voor de formulering is met name gekeken naar de zorgsector, waar bereikbaarheidsdiensten per uur worden vergoed of gecompenseerd. In veel sectoren buiten de zorg wordt de consignatie niet per uur vergoed of gecompenseerd, maar per etmaal of per dienst. Door de voorwaarde dat consignatie per uur vergoed of gecompenseerd moet worden, zouden alle arbeidsovereenkomsten waar consignatie niet per uur vergoed of gecompenseerd wordt, automatisch oproepovereenkomsten zijn. Met als belangrijkste gevolg dat per definitie de hoge WW-premie van toepassing zou zijn, ook bijvoorbeeld bij de voltijdsarbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Dit zou dan alleen kunnen worden voorkomen door de consignatieregelingen waarbij niet per uur vergoed of gecompenseerd wordt, op dit punt aan te passen.

Omdat consignatieregelingen vaak in cao’s zijn opgenomen, zouden lopende cao’s moeten worden opengebroken. Dit zou alleen al wegens tijdsgebrek, het ‘Besluit oproepovereenkomsten’ is in juni vastgesteld, nooit lukken. Werkgeversorganisatie AWVN heeft dit probleem aangekaart bij het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, en na overleg met sociale partners in de Stichting van de Arbeid heeft de minister besloten het Besluit aan te passen. In een Kamerbrief geeft de minister aan dat bereikbaarheids- en consignatiediensten wel een vergoeding moeten kennen, maar dat hoeft niet per uur te zijn. In voorkomende gevallen kan dat leiden tot een combinatie van bijzondere diensten en (maximaal 30%) overwerk onder de lage WW-premie. De regering zal actief inzetten op het monitoren van omzeiling van de hoge WW-premie, waarbij een mogelijke ontwijking van de oproepovereenkomst (en dus de hoge WW-premie) via bijzondere diensten wordt meegenomen.

Het conceptbesluit voor aanpassing van het Besluit oproepovereenkomsten wordt zo spoedig mogelijk ter advisering aan de Raad van State voorgelegd. Bedoeling is dat het gewijzigde Besluit gelijk met de WAB in werking treedt.

Bron: AWVN 21-10-2019; Min SZW 18-10-2019, 2019-0000152922